In Nederland opereren acht stadsregio’s met eigen taken, bevoegdheden en budgetten. Dit zijn de acht belangrijkste stedelijke gebieden met in totaal 112 gemeenten en 6,5 miljoen inwoners. Binnen de stadsregio’s werken de gemeenten met elkaar samen aan de ontwikkeling en uitvoering van beleid. Belangrijke thema’s zijn ruimte, verkeer, wonen, werken, milieu en jeugdzorg. meer..
Elke stadsregio kent een bestuurlijke en ambtelijke organisatie. Het bestuur bestaat uit een algemeen bestuur en een dagelijks bestuur. Bij de stadsregio’s is sprake van ‘verlengd lokaal bestuur’. Dit wil zeggen dat de gemeenteraden uit hun midden de leden van hun 'regioraad' aanwijzen. In die raad zitten burgemeesters, wethouders en gemeenteraadsleden. De samenstelling van de raad en het aantal bestuurs- en raadsleden verschillen per regio. meer..
In 2009 is het rapport ‘De Stille Kracht’ over de noodzaak van de stadsregio’s verschenen. Dit rapport is in opdracht van de VNG opgesteld door de Commissie Toekomst Stadsregionale Samenwerking onder leiding van Ed Nijpels, oud-minister en oud-Commissaris der Koningin. Deze commissie concludeert dat er in Nederland “een onontkoombare behoefte is aan samenwerking via de stadsregio’s. De stadsregio’s leveren prima werk in een lastig politiek klimaat. De samenwerking tussen gemeenten levert duidelijk resultaat en moet met kracht worden voortgezet.”
De stadsregio’s bestaan sinds 1995, toen de Kaderwet ‘Bestuur in verandering’ werd vastgesteld. Sinds die tijd hebben verschillende evaluaties duidelijk gemaakt dat de samenwerking op regionaal niveau breed wordt gedragen. In de huidige vorm bestaan de stadsregio’s sinds 2006. Vanaf dat jaar ligt de regionale samenwerking vast in de Wet gemeenschappelijke regelingen plus (Wgr-plus).